Welke sensatie zoekt mijn lichaam om zich veilig te voelen?
Wanneer de sensatie van veiligheid onbekend is, kan onvoorspelbaarheid en chaos als “thuis” voelen. Zo draai je dit gradueel om:
1 In een eerste stap identificeer je wat je lichaam doet om zich veilig te voelen.
Dat kan schouders optrekken zijn, staren, kaken klemmen, spieren opspannen, …
Je lichaam kan automatisch de ademhaling oppervlakkig houden zodat er “niet teveel doorkomt”
Dat kan in actie blijven zijn
Dat kan ook dissociëren zijn, “denken kan een elegante manier zijn om te dissociëren” vertelde ooit iemand in de groep
…
Leer het opmerken, zonder oordeel, zonder iets te willen veranderen. Gewoon “ah, dat is veiligheid voor het ogenblik”. Zo zoek ik me eigenlijk veilig te voelen. Het kan ook helpen om je eventueel bewuster te worden van wat je precies triggert en onveilig doet voelen.
2 In een tweede stap ga je in eerste instantie mee met de beweging. Bv bij dissociatie, maak je ze bewust door jezelf de vraag te stellen, hoe ver wil ik gaan, hoe ver is veilig. En experimenteer. Ga er nog iets verder in mee. Deze oefening kan geen kwaad, door bewust te dissociëren, of nog harder je kaken op te spannen, geef je aan je autonome systeem aan, het is ok, ik heb je gezien. Dit is veiligheid.
Door erover te reflecteren verschuift de locus van controle van je overlevingsbrein (diepe reptielenbrein) naar je reflecterend brein (prefrontale cortex). Daarmee vergroot je de link en eenheid tussen de verschillende breingebieden en ga je gradueel de structurele dissociatie tussen de verschillende breingebieden verminderen door nieuwe connecties te maken.
3 In een derde stap kan je gradueel leren om veiligheid met iets anders te associëren. Je associeert het bewust en wanneer je merkt dat bvb je schouders optrekken, dan kan je op dat moment iets anders in de plaats beginnen zetten. Welke van je onderstaande 8 zintuigen helpt vooral bij jouw lichaam om zich veilig te voelen?
visueel: waar kan je je blik op richten dat je veilig doet voelen? een foto als achtergrond van je gsm waarvan je weet dat dit je een veilig gevoel geeft, …
auditief: een playlist, natuurgeluiden, …
geur: een etherische olie, geur van bloemen, vers gras, …
smaak: een kruidenthee, een sterke specifieke smaak van iets dat je in je mond kan stoppen, een kop warme chocomelk, soep, …
tastzin: een kersenpit kussen op je buik, iets zachts tussen je vingers of eerder een steen, schelp, stuk hout, een koude douche of net een heet bad, ….
proprioceptie: een verzwaarde deken, een “bodysock”, iets voor je kaak om op te bijten (ijsblokje, zoethout, noot, …)
vestibulair: zachtjes heen en weer wiegen in een schommelstoel, je oriënteren in de ruimte op iets dat je leuk vindt, …
interoceptie: gevoelens van verwonderde eerbied in de natuur, gevoelens van tederheid bij een klein huisdier, ….
Leer het verschil te merken voor en na dat je één van deze zintuigen activeert, het bewustwordingsproces is wat de neuroplasticiteit in gang zet. Creëer een toolkit voor jezelf van een aantal van bovenstaande dingen die jouw helpen. En ook hier, geduld is een schone deugd.