Hoe geraak je uit de trauma overlevingsloop van compulsief denken en doen en onmogelijk kunnen stilstaan?

Kunnen we erbij blijven? Er is geen rush ...


Wanneer het leven voelt als een reeks problemen die op te lossen zijn, en ook “herstel” een project wordt. Of zelfs “rusten” iets om correct te doen. Dan weet je dat je in je overlevingsenergie vast zit.

Wanneer je geest overactief is, niet uit nieuwsgierigheid of creativiteit maar omdat het een onoplosbare dreiging probeert op te lossen.

Allemaal tekenen dat je zenuwstelsel vastzit in de shock oriëntatie en een uitweg aan het zoeken is. Dit is een loop waarin je oriëntatie in het leven vast geraakt is:

  • iets voelt levensbedreigend, er is een voortdurende onderstroom van angst

  • actie was onmogelijk

  • je oriëntatie reflex is nooit opgelost

  • je systeem bleef online zonder veiligheid te vinden

Dan krijg je:

  • eindeloos plannen

  • projecten, strategieën, analyse

  • een gevoel van “ik moet iets doen of ik ga dood”

  • zonder ooit tot echte rust te komen

Dit is dissociatie met cognitie, denken, plannen, doen als een elegante vorm van dissociëren. Tegenover de neurochemische dissociatieve staat waar je “brainfog” krijgt, niet kan denken, verdwijnt.

Bij vroegkinderlijk relationeel trauma associeert je systeem zelfs opwinding/onrust/stress = veiligheid. Stilte = verlating en annihilatie. Dus mijn systeem moet actief blijven om te overleven.
Ook, noden hebben, zorg nodig hebben, wordt als gevaarlijk ervaren. Vanuit je wil en drive om te overleven, wordt het ook moeilijk om je eigen noden toe te laten en ernaar te handelen, nood aan eten, aan verzorging, zachtheid, rust, contact, … Deze beide patronen versterken elkaar, zeker bij vroeg hechtingstrauma.

De trauma overlevings-loop

  1. een gevoel van angst/onrust (breinstam-gedreven, zonder inhoud)

  2. oriëntatie naar gevaar en dreiging

  3. sympathische activatie, een stress gevoel

  4. corticale dissociatie (met denken)

  5. compulsief denken / doen

  6. tijdelijk gevoel van controle

  7. gevoel van angst en onrust blijft echter precies hetzelfde

  8. de loop herbegint

Je systeem blijft in overlevingsmodus (geen alfa-staat maar een overactieve beta-toestand neurologisch gesproken). Je krijgt nooit emotieregulatie door je acties en denken, maar emotie-vermijding. Je hormonenbalans (dopamine, oxytocine, serotonine, norepinephrine) geraakt ook in de war.

Het kan verraderlijk zijn om je te identificeren met de overlever. Precies dit blijft de trauma overlevers-loop in stand houden. Dan is die (nog) niet echt getransformeerd in een houding van gewoon zijn bij wat is. De moeilijke gevoelens en de mooie momenten. En laat net dat de levenskunst zijn die je nastreeft. Dit en zorg en hulp en liefde kunnen toelaten, de reflex van uitreiken zonder (altijd) in een slachtoffer-houding te vervallen.

“Constant denken en doen” is dus niet het probleem. Het is de heroïsche aanpassing van een zenuwstelsel dat nooit de kans heeft gekregen om te overleven. Je systeem is niet kapot. Het bewaakt nog steeds de uitgang.

Kan ik erbij blijven? wordt de leidraad voor je leven, zonder te willen oplossen:

  • Blijf georiënteerd op wat er al is, je leeft al, je hebt dingen bereikt, veel is al ok

  • zonder enige doelgerichtheid, noch ‘weg van’ noch ‘naar’, doelgerichtheid zelf bestendigt de loop, zonder willen dat het verandert, dit brengt je meteen in je trauma-loop en overleving-als-project, geen eindpunt, geen doel, geen verwachting van “rust”, geen gevoel van ‘hoog’-dringendheid

  • in plaats daarvan de houding “niks moet nú opgelost worden”, angst en onrust mogen bestaan zonder agenda, zonder rush naar oplossing.

  • deze fysische houding kan ook helpen, geen houding van ontspanning maar eerder een rustige aanwezige oriëntatie, alsof je op een drempel staat, alertheid zonder mobilisatie:

    • Voeten op de grond, gewicht iets naar voren, niet onderuitgezakt

    • Rug recht, maar niet gestrekt

    • Hoofd horizontaal (kin niet omhoog of naar beneden)

    • Ogen zachtjes open, niet gefocust

    • Handen rusten zonder gebaren

      Intern gekoppeld aan:

      "Ik sta, ik ga niet weg."

      "Ik ben hier, ik hoef nu niets op te lossen."

Waarom geruststelling, inzicht of ‘vertragen’ hier niet werken:

Het is geen betekenisprobleem: inzicht leeft in de cortex en angst leeft “subcorticaal”, onder de neocortex van het denken. De twee communiceren niet met elkaar. Proberen je hieruit te ‘begrijpen’ versterkt vaak het denken en voedt de overlevingslus.

Ook therapie, herstel, wordt dan een (soms compulsief) project. Vanuit dezelfde traumaloop en ondersteunt dan de traumaloop in plaats van ze te helen. Het kan dan ook zelfs gaan aanvoelen als een mislukking: ‘Waarom kan ik niet gewoon stoppen?’ ‘Waarom werkt therapie niet bij mij?’ ‘Ik weet wat ik mis doe en van waar het komt toch?’.

Zinnen die je kunnen helpen bij deze houding, gebruik ze niet als mantra, maar als vriendelijke herinnering. Zodra een zin een taak wordt, laat je haar los.

"Ik probeer niet aan dit moment te ontsnappen."

"Er hoeft nu niets opgelost te worden."

"Ik mag hier gewoon blijven staan."

"Hiervoor hoef ik niets te doen."

"Ik kan hier blijven staan zonder een beslissing te nemen."

"Ik ben niet te laat."

"Ik hoef niets af te maken."

“Nadenken is ok. Ontsnappen is niet nodig.”

“Dit is denken, geen gevaar.”

“Gedachten kunnen wegvluchten terwijl ik blijf.”

“Ik heb het antwoord nu niet nodig.”

“Dit mag onduidelijk blijven.”

"Alleen deze stap."

"Geen volgende stap."

"Ik kan pauzeren zonder te stoppen."

"Dit moment is genoeg."

Hoe gaan we hier dan wel mee om in therapie?
Wat verandert deze toestand daadwerkelijk?

We proberen weg te blijven uit het doelgerichte en versterken je capaciteit om bij de pijn van de emoties en de sensatie van onrust te blijven.

De principes die we hierbij hanteren:

1. We onderbreken de oriëntatiereflex, niet de gedachten.

Niet het denken op zich vormt het probleem. Het constant scannen is de kern van het probleem. Zonder inspanning het hier-en-nu zintuiglijke evenwicht herstellen. De focus leggen op wat is er nu, waar ben ik nu, de ruimte voelen rond, het “waar-ben-ik”-zelf versterken.
Elke inspanning = meer overleven.

2. Angst toestaan zonder betekenis

De angst en onrust uit het hier en nu heeft vaak geen echte grond, er is geen reële dreiging meer. Maar de onrust zit er wel in je breinstam. Gewoon het gevoel van angst en onrust even (h)erkennen, er eventueel een punt op 10 aan geven, zonder verhaal, zonder analyse, zonder benoeming.

Op het moment dat er betekenis verschijnt, heeft de cortex weer de leiding overgenomen.

De houding is meer “Ach, meisje, het zit even op 8/10 voor op het ogenblik”. Een heel kort moment van (h)erkenning met rustige aanwezigheid ervoor. Of “O, het is maar 2/10 voor het ogenblik

Het gevoel van terreur is actief én gedissocieerd, het beginnen herkennen en het begin van de trauma-loop met compulsief denken en doen herkennen, kan hem tijdig voor even onderbreken. Kijk ook even bij de oefeningen naar het FAFL acronym.

3. Kleine doses, korte momenten van verwerking van de shocksensaties in therapie

Kunnen we erbij blijven in therapie, samen? Milliseconden zijn belangrijk. Seconden, geen minuten. Voltooiing van de sensaties vindt plaats onder het bewustzijn, onder de gedachten en beelden, in de breinstam.

We zoeken de precisie van een bepaalde emotie samen. Tijdens shocktrauma is er een overspoeling van een teveel aan emotie en wordt de tijd ‘samengedrukt’. We proberen dit terug open te rekken zodat je systeem de tijd krijgt, in slow motion, om dit te verwerken en niet meer op te slaan. Dit gebeurt op niveau van de breinstam, daar zitten geen woorden, geen beelden, geen verhaal. Verhaal maakt op dat moment vaak de emotie nog moeilijker, dus dat proberen we te vermijden. Ultra-traag gaan we. “Kunnen we erbij zijn, gewoon voor eventjes, moment per moment? “

4. Relationele verankering in de rechterhersenhelft

Deze toestand lost sneller op bij co-regulering. Zelfs een ingebeelde relationele aanwezigheid kan helpen, een echte werkt beter. Geen geruststelling — maar de aanwezigheid van een afgestemde getuige die kan co-reguleren zodat de sensaties behapbaar worden.
”Blijf horen hoe rustig mijn stem blijft terwijl je dit voelt. Het is echt, ik kan het zien, het is waar.”

Wanneer je in de hopeloosheid terecht komt, merk het op. En check, zijn alle opties echt uitgeput? Of is dit de hopeloosheid die geraakt wordt van toen je kind was, niet weg kon, geen opties meer had dan op je tanden bijten en doorgaan.

Als volwassene is het misschien anders, is er toch nog iemand naar wie uitgereikt kan worden, iets dat geprobeerd kan worden. Als volwassene kan je opties blijven creëren, dat is iets wat als kind niet kon. De belangrijkste optie in het hier en nu, is steeds verbinding maken, dat is de optie die transformeert. En als de verbinding vandaag niet lukt, doe dan iets in verbinding met jezelf, ook al is het je even laten verdwijnen in een mindless serie. Je hoeft nu niet alles op te lossen, gewoon erbij zijn is ok voor nu.

  • Dit is vooral gebaseerd op het werk van Alan Schore die focust op wat hij “rechter-brein” therapie noemt. Maar komt ook in al zijn vormen terug in de meest recente neurowetenschap, Frank Corrigan, Ruth Lanius zijn hier diegenen die het meest recent vooruitgang in gemakt hebben. Sebern Fischer ook. Bessel Vander Kolk, Bruce Perry, Dan Siegl, … . ik vergeet er gegarandeerd een aantal op te noemen. Vraag me ernaar!